De eerste jaren dat ik naar het naaktstrand van Groede ging, waren voor mij als een bevrijding. Daar leerde ik wat het betekende om mezelf te zijn, zonder schaamte. Naakt zijn, tussen anderen, werd iets natuurlijks. Onopvallend in een massa van lichamen voelde ik me vrijer dan ooit tevoren.
En toch… er knaagde iets. Ik wilde ook naakt kunnen zijn als individu. Niet slechts één van velen, maar zichtbaar in mijn eigen aanwezigheid. Ik voelde een nood aan expressie. Een verlangen om mezelf te tonen, niet alleen aan de zon en de zee, maar aan de blik van een ander. Een roeping, zou ik het later noemen. Toen voelde het vooral als een onweerstaanbare drang.
Zoals het eerder gegaan was - dat ik op tv een naaktstrand zag en wist: daar moet ik zijn - zo gebeurde het opnieuw. Ik zag foto’s van naakte modellen, zelfverzekerd, open, zonder schaamte. En ik dacht: Dat wil ik ook. Dat wil ik zijn.
Het was lang voor het internet. In een hoekje van een obscuur magazine vond ik een kleine advertentie: een fotograaf zocht een naaktmodel. Ik was student in Leuven, net achttien geworden. De gedachte dat ik kon reageren maakte mijn hart sneller slaan. Maar tegelijkertijd schoten de twijfels als pijlen door mijn hoofd.
Wat als dit uitkomt?
Wat zouden anderen van mij denken?
Is dit niet vulgair? Dom? Onverantwoord?
Ik was een serieuze student, op weg naar een ingenieursdiploma - geen “naaktmodel”.
Maar toch… ik zette kleine stappen vooruit.
Ik reageerde.
Ik kreeg een brief terug.
Ik belde.
We spraken af.
En ik dacht: Ik kan nog altijd terugkrabbelen.
Op de trein van Leuven naar Bilzen bonkte mijn hart in mijn keel. Misschien is hij er niet. Misschien draai ik gewoon terug. Maar hij stond daar, glimlachend, vriendelijk. Voor ik het wist, zat ik in zijn woonkamer.
En toen was het moment daar.
Ik trok mijn kleren uit. Ik stond naakt voor zijn camera.
In het begin beefde mijn hele lijf. Ik voelde de adrenaline in elke vezel. Maar na een tiental minuten veranderde er iets. Er kwam rust. Ik voelde me op mijn plaats. Alsof ik thuis was gekomen in mijn eigen lichaam.
Voor het eerst was ik niet zomaar naakt - ik werd bekeken. De kwetsbaarheid die ik voelde gaf mij ook innerlijke kracht.
De poses gaven me een vreemd gevoel van controle én overgave. Elke klik van de camera bracht me dichter bij mezelf. Dit was geen spel, geen provocatie. Dit was een vorm van waarheid tonen.
Die eerste ervaring leerde me iets essentieels: dat ik mijn lichaam mocht tonen, dat ik mezelf mocht laten zien, zonder me minderwaardig of verkeerd te voelen.
Op de trein terug naar huis kwam de schaamte toch even op. Wat als…?
Wat als iemand dit weet? Wat als de foto’s verspreid raken? Wat als mijn ouders het ontdekken?
Maar tegelijk wist ik ook: ik kan niet meer terug. En ik wíl ook niet meer terug.
Wat ik daar gedaan had, voelde als het begin van een pad dat ik moest volgen. Een pad dat me verder bracht van mijn familie, hun normen en verwachtingen, maar dichter bij wie ik werkelijk was.